backgroundtop
Logo van deblessure.nl
     facebook twitter  
Label DeBlessure.nl
DE BLESSURE / PLEXUSANESTHESIE

PLEXUSANESTHESIE

 

Bij een regionale anesthesie wordt een gedeelte van het lichaam tijdelijk gevoelloos en bewegingloos gemaakt. Er kan een verdovingsmiddel rond een zenuw gespoten worden waardoor de zenuwen of zenuwbanen tijdelijk worden uitgeschakeld. De arm kan verdoofd worden door de zenuwknoop (plexus) die naar de arm loopt tijdelijk uit te schakelen door de rond de zenuwen een verdovingsmiddel in te spuiten. Dit kan bijvoorbeeld in de oksel of in de hals gebeuren.

 

De plexusanesthesie

Om tijdens de operatie zo nodig medicatie toe te kunnen dienen wordt een infuusnaald in de andere arm aangebracht. Afhankelijk van de plaats waar de operatie plaatsvindt wordt een verdovingsprik in de hals of oksel aangebracht.

De anesthesioloog prikt met een naald op de plaats waar de zenuwen die naar de arm gaan lopen. Als er tintelingen in de arm of hand optreden dan moet de patiënt dat aangeven. Hierdoor weet de anesthesioloog dat de naald op de goede plaats zit. Het kan zijn dat de anesthesioloog een zenuwprikkelaar gebruikt waarbij de zenuw met een lage elektrische stroom geprikkeld wordt. Hierbij kan de hand of arm onwillekeurig bewegen. Als de naald op de goede plaats zit wordt het verdovende middel door de anesthesioloog ingebracht.

De arm of hand gaat tintelen en wordt warm. Het gevoel verdwijnt later weer en vervolgens kan de arm en hand niet meer bewogen worden. Als de verdoving is uitgewerkt komt het gevoel en de beweging weer terug. De verdoving heeft ongeveer 15 tot 30 minuten nodig om in te werken voordat het effect optimaal is.

 

Tijdens de operatie

Tijdens de operatie blijft de anesthesioloog of anesthesiemedewerker bij de patiënt aanwezig De patiënt blijft bij bewustzijn tijdens de operatie. Het operatiegebied wordt met doeken afgedekt. Er kan eventueel een licht slaapmiddel gegeven worden als de patiënt toch liever slaapt.

 

Na de operatie

Het is afhankelijk van het gebruikte medicijn hoe lang het duurt voordat de verdoving volledig is uitgewerkt. Dit kan ongeveer drie tot zes uur duren. Met het uitwerken van de verdoving kan er ook pijn optreden. Bij de verpleegkundige is het mogelijk in overleg pijnstillende medicatie te krijgen.

Zolang de arm verdoofd is moet deze in een draagdoek (mitella of sling) gehouden worden.

 

Bijwerkingen en complicaties

Soms werkt de verdoving onvoldoende en kan de anesthesioloog nog wat extra verdoving bijgeven. Het kan in andere gevallen beter zijn om voor een andere anesthesievorm te kiezen, zoals een narcose. De anesthesioloog zal dit overleggen.

Nadat de verdoving is uitgewerkt kan de zenuw door de prik of door de gebruikte medicatie geïrriteerd zijn en kunnen er nog enige tijd tintelingen in de arm en hand aanwezig zijn. Deze tintelingen verdwijnen over het algemeen in een aantal weken tot maanden vanzelf.

Een overgevoeligheid voor de gebruikte verdovingsmiddelen kan voorkomen. Dit kan zich uiten in bijvoorbeeld benauwdheid, huiduitslag of lage bloeddruk. Behandeling van deze overgevoeligheid is meestal goed mogelijk.

Vlakbij de zenuwen die verdoofd moeten worden lopen grote bloedvaten. Het kan voorkomen dat het verdovende medicijn direct in de bloedbaan komt. Dit uit zich in een metaalachtige smaak, tintelingen rond de mond, een slaperig gevoel, hartritmestoornissen, trekkingen en uiteindelijk bewusteloosheid. Behandeling van deze klacht is meestal goed mogelijk.


backgroundbottom
Bronvermelding | Algemene voorwaarden

Dit is een produkt van :
Logo JH Consultancy
© Copyright JH Consultancy 2014, All rights reserved
Webdesign by : FISHTANKMEDIA.NL